Vlaanderen in de kijker - Een kritische kijk op Vlaanderen

Inhoud
Abonneer u op onze wekelijkse nieuwsbrief:

e-mailadres:







Vlaanderen in de kijker

Standpunt Antwerpen

Hoe verkopen we Antwerpen als toeristische parel aan de Amerikanen, Russen, Indiërs en Chinezen? De wereld is zich nog steeds niet bewust van het feit dat aan de Schelde een stad ligt die heel veel te bieden heeft. Traditie, met Rubens en Van Dyck. Nieuwe creativiteit in sectoren zoals de mode, design, beeldende kunsten en ballet. Een aanbod van shopping en horeca dat zich kan meten met alle andere Europese steden. En dat alles op amper anderhalve vierkante kilometer. Dat laatste - de combinatie van stad en dorp - maakt Antwerpen zelfs uniek.

Het huidige stadsbestuur wil met de ‘branding’, het aanprijzen van Antwerpen als een sterk merk, tegen het einde van de legislatuur in 2012 een stuk verder staan. Het was een verstandige beslissing om de bevoegdheden over Cultuur en Toerisme samen te brengen in één portefeuille. Die is in handen van de ambitieuze CD&V-schepen Philip Heylen. Hij voert sinds 2004, toen hij Eric Antonis opvolgde, een niet zo voor de hand liggend tweesporenbeleid: enerzijds wil hij met Antwerpen de wereld in, anderzijds probeert hij ook grote stappen voorwaarts te zetten op lokaal vlak.

Dat laatste luik heeft al geleid tot onder meer de decentralisatie van het lokaal cultuurbeleid naar de districten en tot de hertekening van het landschap van de culturele centra en bibliotheken. Maar terug naar de internationale ambities van Antwerpen. Hoe wordt de stad een van de creative cities die volgens de Amerikaanse socioloog Richard Florida de wereld gaan domineren? Dat doe je niet met een A-campagne, want die is vooral gericht naar de Antwerpenaars zelf. Je doet het sowieso niet met een reclamecampagne, want om op die manier de wereld te veroveren heb je astronomische budgetten nodig.

Nee, Antwerpen moet de boer op met zijn creatieve kwaliteiten. En dat doet de stad momenteel ook. Jan Fabre in het Louvre, Luc Tuymans in Boedapest, Het Toneelhuis in Avignon, het Ballet van Vlaanderen in New York: Antwerpen zendt zijn creatieve zonen en dochters uit, en met succes. Volgend jaar gaat de tentoonstelling Antwerp 6+ (over de grote modeontwerpers) op reis naar Tokio. De expo A story of the Image, die een overzicht geeft van de Antwerpse beelcultuur van de Vlaamse Primitieven tot Luc Tuysmans, is achtereenvolgens te zien in Shangai en in Singapore. Met New York wordt samengewerkt aan de totstandkoming van het museum rond de Red Star Line, die beide steden nauw verbond. En ook tijdens de reizen van havenschepen Marc Van Peel (eveneens CD&V) zal Antwerpen veel meer als oude èn nieuwe cultuurstad worden verkocht.

Een nieuwe stap in de goede richting is de recente beslissing van het stadsbestuur om op cultureel vlak veel intenser te gaan samenwerken met Rotterdam. Een verstandige zet, want voor Amerikanen en Chinezenvormen die twee steden op amper honderd kilometer van elkaar één metropool. Bovendien hebben ze veel gemeen: allebei vormen ze de economische motor van hun land en herbergen ze veel creativiteit. Dus waarom zouden ze hun krachten niet bundelen om aan de wereld te tonen wat ze in huis hebben?

De samenwerking op cultureel vlak zal hopelijk ook leiden tot uitbreiding naar andere sectoren. Als je bedenkt hoe moeilijk het is geweest om de Nederlanders mee te krijgen in het verhaal van de verdieping van de Schelde, dan kan je alleen maar hopen dat we in de toekomst samen één front kunnen vormen op cultureel én economisch vlak. Hoe noem je zoiets? Een Forza Neerlandia?

door Lex Moolenaar (Gazet van Antwerpen)



© 2007 Vlamingen in de Wereld - Costa Blanca.
Informatie van deze website mag niet gekopieerd of gepubliceerd worden zonder toelating van de uitgever.