Schrijf u in op onze nieuwsflash
e-mailadres:


twitter
stan lauryssens
Blauwe muscaat
Stan Lauryssens
De schapen en hun lammeren lanterfanten onder de kerselaar in bloei. De tuinman snoeit het rozenprieeltje en de treurwilg. Een paard hinnikt en een ezel balkt met het geluid van een huilende brandweersirene, -, -, terwijl de haan kraait van plezier want allebei zijn hennen legden hun ei. Wie hier ongevoelig voor is, is voor alles ongevoelig. De magnolia staat vol en dik, tot een plotse windstoot de bloesem in alle richtingen verwaait. Ik lig in mijn strandstoel en denk aan Spanje, niet met heimwee, maar met een gevoel van warme tederheid om wat geweest is en waarvan enkel de herinnering blijft.

Als ik aan Spanje denk, denk ik aan mijn Spaanse zoon - ik heb ook een Indische zoon, in Engeland, maar dat is een ander verhaal - en aan de moeder van mijn Spaanse zoon met haar kastanjebruine ogen. Ineens schiet mij een anecdote te binnen uit de beste jaren van ons leven. De anecdote speelt zich af in een troosteloos en verlaten landschap, met onbewoonde huizen en wilde, ruige rotsen, badend in een gouden licht. Wij stonden aan de voet van de berg, onder de oude granaatappelboom met zijn ruige takken. Over de heuvels tot in de bergen, zo ver het oog reikte, strekten zich wijngaarden uit.

blauwe muscaatAlles was oud en knoestig, gerimpeld en misvormd: de wijnranken, de olijfbomen en de kurkbomen op de helling, waarvan de schors was afgestroopt om er in de cooperativa flessenstoppen van te maken. De druifjes op de wijnranken waren klein en gerimpeld en leken op gedroogde rozijnen. Blauwe muscaat, zei mijn vriendin. Ik proefde ervan. De druifjes smaakten onwaarschijnlijk zoet. De zon zakte in de Middellandse Zee. Mijn vriendin legde haar hoofd op mijn schouder. In het midden van de baai stak een driehoekige rots als een eiland uit de zee omhoog. Wolkenflarden hingen als gescheurde lakens aan de blauwe hemel. Zij zette haar transistorradio aan. Testimo van Llus Llach in het Catalaans, Ik hou van je, over de jaren die voorbijgaan en het afscheid dat ooit zal komen. Que passaran els anys, i vindr ladu, com aixi ha de ser. Ik verstond geen Catalaans in die tijd, ook geen Spaans trouwens, en toch begreep ik ieder woord.

Ik dacht dat ik een stadsmens was en toch genoot ik van de wilde pracht van de Spaanse natuur. Mijn gedachten dwalen af. Ik heb vandaag wijnranken besteld, druivelaars in goed Vlaams, blauwe muscaat om zelf te planten. Ik hoop op een wonder - dat ik straks mijn eigen muscaatdruiven pluk en misschien mijn eigen wijn maak - maar ik ben niet gek, ik weet dat ik voor een wonder eerst langs Lourdes moeten passeren, dat niet ver van Spanje ligt, of misschien volstaat een voettocht naar Santiago de Compostella.

Lees ook: