Schrijf u in op onze nieuwsflash
e-mailadres:


twitter
stan lauryssens
¡Espera! ¡Espera!
© Stan Lauryssens
Een Madrileen vroeg of ik Nederlands spreek.
Por supuesto,” zei ik, “Nederlands is mijn moederstaal.”
Het was nacht. Natuurlijk was het nacht. Madrilenen zijn gatos, katten en dus nachtdieren, die pas denken aan slapen als de ochtendstond goud in de mond heeft.
“Dat begrijp ik niet,” zei de Madrileen in het Spaans. “Jij bent toch Belg? Belgen spreken Belgisch, voor zover ik weet!”
Met hand en tand legde ik uit dat “Belgisch” geen taal is, ook geen dialect maar een merk, een keurmerk, zoals Belgische chocolade, Belgische mode en Belgisch bier.
“In het noordelijke deel van het koninkrijk België,” zei ik, ook in het Spaans, “wordt Vlaams gesproken dat een soort Nederlands is en in het zuidelijke deel wordt Waals gesproken dat een soort Frans is en in de staart van België wordt door één procent van de bevolking zelfs een derde taal gesproken, een soort Duits, hoewel Duits als derde taal in België wordt voorbijgestoken door Maghrebijns of Marokkaans dat vandaag reeds de eerste taal is in de negentien gemeenten die samen Brussel vormen, dat de politieke en administratieve hoofdstad van Europa is.”
“Thuis spreek je Vlaams?” vroeg de Madrileen.
No señor,” zei ik, “thuis spreken wij Spaans, Catalaans en Frans.”
Hij keek mij aan alsof hij het in Keulen hoorde donderen en toch zaten we niet in Keulen maar op een terras in Madrid, vlakbij de Puerta del Sol, helemaal in het centrum van de Spaanse hoofdstad.

“Mijn vriendin is Catalaanse,” zei ik. “Wij hebben een zoontje, Lluís, die – omdat ik Belg ben – de dubbele nationaliteit heeft en dus tegelijk Belg en Spanjaard is. Maar omdat “Belgisch” als taal niet bestaat en wij in het noordelijke deel van Spanje wonen, spreken wij geen Vlaams thuis maar Spaans...”

“…en Catalaans?”
“Natuurlijk. Mijn vriendin is Catalaanse, catalán catalanista, zoals FC Barcelona...”
“Waarom ook Frans?”
“Onze zoon zit in de kleuterklas van het Lycée Français, op school spreekt hij Frans...”
“... en Waals?”
“Nee, Waals is geen taal. Trouwens, onze zoon is tegelijk Belg en Spanjaard maar ook Argentijn want mijn Spaanse vriendin, zijn moeder dus, heeft óók de dubbele nationaliteit, haar vader was Argentijn, zij is dus én Spaans én Argentijns en...”
Ik deed mijn best, maar de Madrileen begreep er geen snars van, en hoe meer ik erover praatte, hoe minder ik er zelf van begreep.
¡Espera! ¡Espera!” riep hij, met de handen in de lucht.
Zijn hoofd tolde ervan, ik kon het zien aan zijn ogen, die wegdraaiden naar alle kanten tegelijk.
Belgisch, Spaans, Catalaans, Frans, Nederlands, Vlaams, Waals, Duits, Maghrebijns, Marokkaans, zeg nu zelf, dat is toch een nest waarin zelfs een kat haar jongen niet terugvindt?

Lees ook: