Schrijf u in op onze nieuwsflash
e-mailadres:


twitter
stan lauryssens
Heerlijke tijden
© Stan Lauryssens
Ik kijk naar lammeren die huppelen in de wei en naar hun moeders die met hun buik in het natte gras liggen, omgeven door een aureool van ochtenddauw, en zet mijn tanden in een dikke snee Van Dyckbrood – met sappige rozijnen, kaneel en zachtgegaarde appelstukjes – terwijl ik door een magazine blader en mijn oog valt op een zin die mij aan de grond nagelt. “Van de jaren zeventig tot diep in de jaren tachtig [van de vorige eeuw] werd er in Spanje, vooral door jongeren, vrijwel elke dag gefeest tot het ochtendgloren. Na tientallen jaren van geboden en verboden volgden seks, drugs en rock-’n-roll en werd Spanje aangestoken door een explosie van vreugde en levenslust.” Is dat zo? Toeval wil – maar toeval bestaat niet – dat ik door de nood gedwongen het laatste deel van die periode, “tot diep in de jaren tachtig”, van zeer nabij heb meegemaakt.

In een sombere bui stond ik op de luchthaven van Barcelona met mijn enige bezittingen in een linnen tasje: een tandenborstel, een tube scheercrème en twee beduimelde boeken uit de gevangenisbibliotheek. In de kanariegele Ford Fiesta van mijn Spaanse vriendin – die de moeder zou worden van Lluís, mijn Spaanse zoon – reden wij naar de Ramblas en hoewel het inmiddels een stuk in de nacht was, begon voor mij plots de zon te schijnen: alle terrasjes zaten vol Spanjaarden met donker haar en luide gebaren die horchata de chufa dronken dat op melk leek en naar amandelen smaakte en in mijn herinnering galmden uit open ramen de stemmen van Freddy Mercury en prima donna Montserrat Caballé die Barcelona kweelden uit Greatest Hits van Queen.

BARCELONAAAAAA

VIVAAAAAA

SUCH A BEAUTIFUL HORIZON

LIKE A JEWEL IN THE SUN

“Mooi,” zei ik, “héél mooi.”

Horizon, dacht ik, juweel in de zon, dat rijmt.

BARCELONAAAAAA

Aan het eind van de Ramblas zat een blinde kunstschilder. Hij had het licht in zijn ogen niet nodig om het geluk van de wereld te schilderen. Voorbij de haven strekte zich de Middellandse Zee uit, zo ver het oog reikte, zonder enige rimpeling. ’s Ochtends kreeg de zee de kleur van vloeibaar goud.

De oude drinkfontein van Canaletes, met vier armen, zit verscholen tussen bomen en bloemenstalletjes. Wie éénmaal de kracht van Spaans water heeft geproefd, is volgens de legende voorgoed aan het land, zijn mensen en zijn gewoonten verslaafd en zal altijd, altijd, altijd zijn hele leven lang naar Spanje weerkeren. Ik dumpte mijn linnen tasje met tandenborstel, scheercrème en gevangenisboeken samen met mijn Vlaamse schoenen in een metalen papiermandje op de Ramblas en dronk zoveel Spaans water dat mijn buik bijna ontplofte waarna mijn Spaanse vriendin mij meenam naar de Carrer Avinyó waar wij espardenyes kochten (of alpargatas in het Spaans) van gekleurd zeildoek met een zool van gevlochten touw.

Heerlijke tijden.

Ik voelde mij goed, zo ver van huis.

Ik was weer gelukkig.



Lees ook: