Schrijf u in op onze nieuwsflash
e-mailadres:


twitter
stan lauryssens
Het is bijna zover
© Stan Lauryssens
Binnen een maand of zo pluk ik mijn eigen druiven van het merk Boskoop Glorie van een wijnstok die ik zelf heb geplant. Dat mijn wijngaard slechts één stok telt, tegen een zonnige muur, geen mens die ervan wakker ligt: aan die ene stok hangen vele honderden trosjes kleine, blauwe, parelvormige druifjes die zo zoet smaken, dat het water mij uit de mond loopt enkel door ernaar te kijken. Van zodra de Boskoop geplukt is, maak ik mijn eigen echte Rioja, op zijn Spaans, op traditionele wijze zoals ik dat heb geleerd van de Spaanse wijnboeren van de cooperativa hoog in de bergen van El Priorat aan de Costa Daurada.

’s Zomers woonden wij in de masía van de moeder van mijn Spaanse vriendin, op een boogscheut van het strand, tussen tweehonderd kromme, scheefgegroeide en eeuwenoude olijfbomen. Aan een lange tafel, onder de druivelaar-zonder-druiven die met zijn dichte bladerdek de veranda afschermde van de felle, onbarmhartige zon, aten wij de lekkerste bereidingen uit de Spaanse keuken – tortilla met aardappelen en gesnipperde jamón serrano, gehaktballetjes of albóndigas in amandelsaus, een gebraden duifje, arroz cubano of Cubaanse rijst met een ei, tomatensaus en gebakken banaan – overgoten met de plaatselijke landwijn (wit en rood) uit vijfliterflessen zonder etiket.

Señor Sanchez dronk tinto de verano, zomerrodewijn, dat wil zeggen: rode wijn aangelengd met spuitwater of limonade. Ikzelf had liefst witte wijn van de cooperativa die niet wit was, ook niet strogeel, maar de ongezonde kleur had van vernis en ook naar vernis smaakte wanneer de vijfliterfles te lang ontkurkt in de kelder had gestaan.

Een wijnpers heb ik niet. Ik maak m’n Rioja op de ouderwetse manier, door de druiven met blote voeten fijn te trappelen in houten tonnetjes tot het sap achter mijn oren spat en mijn voeten paarsblauw kleuren, alsof ik de druiven niet in een tonnetje tot moes trap maar in een reusachtige inktpot.

Flessen zijn geen probleem, ik heb genoeg flessen in huis. Enkel het etiket moet anders: als ik tussen de bedrijven een uurtje in de weer blijf met fotoshop maak ik m’n eigen etiketten met een kunstwerkje erop, zoals op de etiketten van het befaamde wijnhuis Château Mouton Rothschild die ‘de beste wijn ter wereld’ maakt.

Na mijn Spaanse avonturen woon ik in het Vlaamse heuvelland, le Pays des Collines in het Frans, waar de taalgrens honderd meter verderop over de smalle richel van de horizon loopt.

“Heb je een naam voor onze wijn?” vraagt mijn Vlaamse vriendin.

Rioja Boskoop du Pays des Collines,” antwoord ik trots. Zeg nu zelf, klinkt goed, niet?

“Kan dat wel, Spaanse Rioja van Vlaamse druiven met een Franse naam op het etiket?”

“Natuurlijk,” zeg ik, “alles kan.”

Misschien heb ik een paar flessen op overschot.

Weet je wat? Kom er eentje drinken!



Lees ook: